Vastzethandleiding Veilig Vervoer Rolstoelinzittenden voor Taxichauffeurs
Algemeen
De rolstoel vastzetten met spanbanden
De passagier vastzetten met een gordel
De rolstoel vastzetten met een deltasysteem
TIP:
Klik op de button video voor een instructiefilm
De rolstoel vastzetten met spanbanden
Bekijk de rolstoel goed en neem de tijd voor het vastzetten. Aandacht voor veiligheid is heel belangrijk, ook als er weinig tijd is.
TIP:
Klik op de button video voor een instructiefilm
De rolstoel vastzetten met een deltasysteem

Algemene informatie
Deze instructie gaat over het vastzetten van rolstoelen en rolstoelinzittenden in een taxibus.
Het in- en uitrijden en andere zaken die belangrijk zijn bij het rolstoelvervoer worden hierin niet behandeld.
Deze instructie gaat over het vastzetten van rolstoelen en rolstoelinzittenden in een taxibus.
Het in- en uitrijden en andere zaken die belangrijk zijn bij het rolstoelvervoer worden hierin niet behandeld.
- Laat een rolstoeler altijd overschuiven naar een passagiersstoel als hij dit kan. Lukt dit niet, dan kan hij tijdens de rit alleen in de rolstoel blijven als de rolstoel daarvoor geschikt is!
- Gebruik bij voorkeur een vastzetsysteem met ISO 10542 op het label; dit biedt de grootste veiligheid! Een deltasysteem voldoet hieraan niet, maar is (nog) toegestaan in bussen die vóór 1 september 2008 in gebruik genomen zijn.
- Gebruik NOOIT kapot of beschadigd materiaal. Meld gebreken direct bij uw werkgever!
TIP:Klik op de button video voor een instructiefilm
- Rijd de rolstoel naar de rolstoelplaats in de rolstoelbus. Zorg dat de rolstoel recht staat (in de rijrichting) en vraag de passagier -indien mogelijk- zelf de rolstoel op de rem te zetten.
- Zet de rolstoel aan voor- én achterkant met spanbanden vast (4 in totaal). Zet de 4 spanbandhaken vast aan de vastzetogen op de rolstoel of aan het vaste deel van het rolstoelframe. Zorg dat de spanbanden een hoek van 45 graden naar beneden maken (zie afbeelding).
Bekijk de rolstoel goed en neem de tijd voor het vastzetten. Aandacht voor veiligheid is heel belangrijk, ook als er weinig tijd is.
![]() |
![]() ![]() |
![]() |
| 3. Zet de voorkant van de rolstoel vast met twee spanbanden | Maak spanbanden nooit aan beensteunen vast, die kunnen afbreken | Maak de spanbanden nooit aan de wielen vast. Dat is geen stevig punt! |
![]() |
![]() ![]() |
![]() |
![]() ![]() |
| 4. Maak ook de achterkant van de rolstoel vast met twee spanbanden | Zet spanbanden nooit gekruist vast. Hiervan gaat de rolstoel stuk | Gebruik nooit maar één band voor of achter. Zet de rolstoel aan beide zijden met twee spanbanden vast | Zet spanbanden nooit ongelijk naar één kant vast. Dat is niet stevig bij een aanrijding. |
- Zorg dat de spanbanden links en rechts in dezelfde hoeken staan
- Span alle banden aan totdat de rolstoel niet meer kan bewegen. Controleer of de rolstoel goed vast staat.
- Zet de passagier vast in de veiligheidsgordel
De passagier vastzetten met een veiligheidsgordel
Een gordel die is bedoeld om te voorkomen dat de rolstoeler uit de rolstoel valt is niet geschikt als veiligheidsgordel. De rolstoeler moet dan een extra autogordel om. De enige uitzondering is een rolstoelgordel met een label waarop staat dat deze voldoet aan ISO-7176-19.
Soms moeten accessoires of losse onderdelen van de rolstoel verwijderd worden. Zet deze apart vast.
- Gebruik een 3-punts gordel, indien aanwezig, anders een heupgordel.
- De gordel moet vastzitten aan het vastzetsysteem of aan het voertuig. De schoudergordel moet altijd boven aan de zijwand bevestigd zijn.
- De gordel moet goed aansluiten en langs de armleuningen diect over de heup van de passagier lopen. Let op! De gordel mag niet over de armsteunen en wielen van de rolstoel lopen.
- Een driepuntsgordel moet schuin over het lichaam naar de schouder lopen en nooit over de hals van de passagier. Verstel het hoogste punt van de gordel indien nodig.
- Trek de gordel aan tot hij licht aangespannen is en nog comfortabel voor de passagier
Een gordel die is bedoeld om te voorkomen dat de rolstoeler uit de rolstoel valt is niet geschikt als veiligheidsgordel. De rolstoeler moet dan een extra autogordel om. De enige uitzondering is een rolstoelgordel met een label waarop staat dat deze voldoet aan ISO-7176-19.
Soms moeten accessoires of losse onderdelen van de rolstoel verwijderd worden. Zet deze apart vast.
TIP:Klik op de button video voor een instructiefilm


- Rijd de rolstoel naar de rolstoelplaats in de bus
- Kijk of de dwarsbeugel goed past aan de achterkant van de rolstoel
- Maak de dwarsbeugel vast aan de framebuizen van de rolstoel of aan speciale opzetstukken. Draai de beveiligingsknoppen en pallen dicht
- Zet de deltasteun vast in de vloerrails.
- Rijd de rolstoel tegen de deltasteun
- Zet de dwarsbeugel aan de deltastein vast met de knevelpen
- Zet de rolstoel ook aan de voorkant vast met twee spanbanden
- Zet de passagier vast in de veiligheidsgordel die is bevestigd aan het deltasysteem of aan het voertuig.







